Bevallen – deel 2

In de zomer van 2011 ben ik hoogzwanger van ons tweede dochtertje, dat is uitgerekend op 15 juli.
Manlief doet er alles aan om het me gemakkelijker te maken, want met die dikke buik én een  heel actieve Gwen – die dan nog niet kan stappen – is het bij momenten echt wel zwaar.
Kraamhulp komt wekelijks langs om te wassen, te strijken en boodschappen te doen. Om de paar dagen houdt een babysit zich met Gwen bezig zodat ik een paar uurtjes in de zetel kan hangen. En als manlief een hele dag uithuizig is dan worden Gwen en ik neergepoot bij mijn ouders.

Zo ook op dinsdag 12 juli 2011, een mooie zomerdag. Ik zit niet zo goed in mijn vel en het minste beetje lijkt me al te veel.
“Vannacht slaap ik met mijn gsm naast mijn bed,” zegt mijn moeder, “dan bel je maar als er iets is.”
‘Wacht even,’ denk ik, ‘ziet zij aan mij wat ik denk?’ Natuurlijk ziet ze dat, zo zijn moeders immers.
“Ik denk dat de kans groot is dat je telefoon mag verwachten,” antwoord ik, “mijn gevoel zegt me dat het voor vannacht of morgen is.”
“Dat denk ik ook.”

De lieve overbuurvrouw van mijn ouders komt nog even langs. Ze blijft niet te lang en het is erg gezellig. Wanneer ze me nog eens goed bekijkt voor ze weer naar huis gaat, zegt ze dat het duidelijk niet lang meer gaat duren.
Waaraan zien mensen dat toch?

‘s Morgens lig ik al vroeg wakker. De wekker vertelt me dat het 4u45 is en mijn blaas spoort me aan uit bed te komen. Daar heb ik hoegenaamd geen zin in en koppig besluit ik toch nog heel even te blijven liggen.
En dan voel en hoor ik het… ‘knap,’ zegt iets in mijn buik.
Nog geen twee tellen later sta ik naast het bed – verwonderd over de snelheid en souplesse waarmee ik dat juist deed – en klotst het vruchtwater op de grond tussen mijn blote voeten.
“Was dat vruchtwater?,” klinkt een slaperige stem vanuit het bed.
“Ja! Ik kan wel wat hulp gebruiken nu.”
Manlief veert recht en vraagt me wat hij kan doen.
“Licht aan… en handdoeken,” commandeer ik.
Nu het duister weg is, zie ik dat het water op de vloer zo helder is als het maar kan zijn. En het is veel water, heel veel.
Met de handdoeken die manlief aandraagt, sop ik alles zoveel mogelijk op.
Dan laat ik het verder aan hem over en ga me aankleden.
Maar wacht even… als ik vruchtwater blijf verliezen, hoe kleed ik me dan best?
Ik prop een kraamverband in mijn zwangerschapsslip. Dat is al een goed begin. Maar wat als dat niet voldoende is? In de handdoekenkast vind ik een gastendoekje dat meegaat in de zwangerschapsbroek. Het voelt tegelijkertijd heel onnozel en heel veilig. Voor alle zekerheid gris ik nog een handdoek mee die op de autostoel gaat.
Manlief heeft ondertussen mijn ouders al ingelicht en die komen eraan.
Gwen ligt nog steeds zalig te slapen en mag op haar eigen ritme wakker worden en ontbijten. Nadien nemen mijn ouders haar mee naar hen thuis.

Rond half zes vertrekken we naar de kraamafdeling, die ik vanuit de auto verwittig van onze komst. De eerste informatie wordt al uitgewisseld. “Ja, het vruchtwater was helder en ja, het was best veel. Ja, het is inderdaad mijn tweede kindje en ja, dokter Wouters is mijn gynaecoloog. Oké, we nemen de spoedingang. Tot zo.”

Vroedvrouw Sabine en stagiaire Shary installeren ons in een arbeidskamer.
Weeën zijn er amper, net als ontsluiting. Maya doet het ondertussen geweldig.
Rond kwart voor negen krijg ik weeënopwekkers toegediend en dan schiet het goed op.
De laatste centimeters zijn ook nu weer de zwaarste. Met de bevalling van Gwen nog vers in mijn geheugen én met Shary – die mee-ademt waardoor ik me kan concentreren op haar ademritme – lukt het me veel beter om de persweeën weg te puffen.
“Nu kan ik het niet goed meer tegenhouden,” hoor ik mezelf zeggen. Inwendig onderzoek wijst uit dat de ontsluiting volledig is en we verhuizen naar de verloskamer aan de overkant van de gang.
Na tien minuten persen – wat ik net als de vorige keer ervaar als een zaligheid – komt Maya ter wereld. De navelstreng zit strak om haar nekje en wordt meteen vakkundig afgeklemd en doorgeknipt door dokter Wouters. En dan ligt ons tweede meisje op mijn blote buik. Ditmaal weet de papa heel goed waar hij de camera heeft gelaten… ervaring.
Ik heb een tweedegraadsruptuur opgelopen en tijdens het hechten, bibber ik bijna van de verlostafel af. Een warme doek helpt een klein beetje.

Gewassen, in een lekker warme pyjama en met een kleine Maya aan mijn borst, is het genieten van ons tweede wonder begonnen.

1 Response

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Post comment